Hoe de vluchteling weer een boekhouder wordt

Op 17 mei organiseerde de Refugee Talent Hub een Meet & Greet voor finance professionals, in samenwerking met Achmea. Het Financieele Dagblad was erbij en deed verslag. Hieronder vind je de tekst van het artikel dat op zaterdag 18 mei in het FD verscheen.

Financiële instellingen zoeken personeel, statushouders met een financiële achtergrond zoeken werk. De twee groepen weten elkaar nauwelijks te vinden, maar een speciaal voor hen georganiseerde meet & greet moet daar verandering in brengen. ‘Het vergt een investering, maar levert loyale werknemers op.’

Wilma Roozenboom, directeur van de Refugee Talent Hub, belde een paar maanden geleden met Siham Achahboun, programmamanager ‘culturele diversiteit en inclusie’ bij Achmea. Roozenboom vertelde haar dat de Refugee Talent Hub, die vluchtelingen koppelt aan werkgevers, veel mensen met een financiële opleiding in haar bestand heeft. Had de verzekeraar, die al jaren partner is van de Refugee Talent Hub misschien een stageplek voor een statushouder? 

‘Ja!’ riep Achahboun enthousiast. Net als de rest van de sector kampt ook Achmea met een personeelstekort. Ook wil de verzekeraar ‘een werkgever voor iedereen’ zijn, dus ook voor vluchtelingen. Achmea had bovendien al een statushouder in dienst, waarover iedereen enthousiast was.

Er werd een datum geprikt voor een meet & greet waar werkzoekenden kennis konden maken met de verzekeraar. De interesse was overweldigend: binnen een paar dagen meldden zich tientallen geïnteresseerde statushouders. Dat is niet zo gek: dewerkloosheid onder statushouders isenorm: slechts 11% van hen heeft werk, becijferde het CBS. Maar Achmea had maar een beperkt aantal stageplaatsen en dus opperde Roozenboom het plan om ook andere financiële dienstverleners uit te nodigen.

Ander soort leiderschap

Zo komt het dat op vrijdagochtend, in een zonnig zaaltje in het kantoor van Achmea in Leiden, vijf werkgevers hun bedrijf pitchen als aantrekkelijke werkplek. In de gespreksrondes daarna solliciteren de statushouders vervolgens naar een baan of een stage. ‘We zien zo’n stage als eenwederzijds leertraject’, zegt Achahboun. Het opbouwen van een constructievewerkrelatie met statushouders vergtnamelijk meer dan het regelen van een bureau en een laptop. ‘Het vraagt een ander soort leiderschap’, merkt ze.

Zo was de statushouder die al bij Achmea werkte volgens de verzekeraar ‘superbescheiden en onzeker’ toen hij bij deverzekeraar aan de slag ging. Hij woonde nog in een asielzoekerscentrum Zijnmanager zag het als een uitdaging om hem succesvol te laten integreren en investeerde daar veel tijd en moeite in. Achahboun:’Toen hij en zijn gezin eindelijk een huis vonden, maar ze nog geen meubels hadden, heeft de manager zelfs geholpen met het verzamelen daarvan.’

Zó’n manager, dat willen de statushouders hier allemaal wel. Sommigen zijn in pak of nette jurk gekomen, anderen lopen rond in T-shirt en spijkerbroek. Allemaal weten ze precies wat werkgevers willen horen, en vertellen zij hun verhaal met veel enthousiasme in meer of minder goed Nederlands. 

De Syrische accountant Hassan Alshadad (33) woont met zijn vrouw en kind inLeiden. Hij liep stage bij eenaccountantsbureau en is nu eigenlijk op zoek naar een echte baan. Hij denkt dat hij, als hij hard blijft schaven aan zijnNederlands, uiteindelijk succes zal hebben. Door veel werkgevers daadwerkelijk de hand te schudden, hoopt hij ergens te worden aangenomen.

Gat op het cv

Netwerken en de taal leren, dat zijn meteen de twee belangrijkste tips die Roozenboom geeft. ‘Werkgevers en statushouders komen elkaar niet tegen. Jammer, want dat is dé manier om een baan te vinden en daardoor verdwijnen bovendien de vooroordelen.’ Want dat deze groep een gat in het cv heeft, vanwege hun vlucht, betekent niet dat ze niet geschikt zijn.

Ze hebben wel extra begeleiding nodig. Roozenboom: ‘Statushouders moeten behalve Nederlands ook vakjargon leren en hoe je op de werkvloer met elkaar omgaat. Dat vergt een investering, maar die loont: je krijgt er hele loyale werknemers voor terug.’

Voor de volledige tekst van het artikel, inclusief vier korte profielen van aanwezigen zie link. Auteursrecht is voorbehouden aan het FD.