Aan de bak: Lubana Hanifa

De Syrische Lubana Hanifa (36) studeerde Scheikunde en kwam vier jaar geleden naar Nederland. Ze is projectsecretaris bij de Stichting Mano in Rotterdam.

‘In Syrië werkte ik na mijn studie Scheikunde bij een apotheek, daarna was ik docent in het voortgezet onderwijs. Voor het werk van mijn man verhuisden we eerst naar Tunesië en daarna naar Egypte. Omdat het daar niet veilig was en we er geen toekomst hadden, vroeg mijn man in 2015 asiel aan in Nederland. Mijn twee dochters en ik bleven in Egypte, toen mijn man hier een baan vond als computer engineer, mochten wij in 2016 ook over komen. Het eerste dat me opviel was het weer, het is elke dag anders. En iedereen fietste! In Syrië is fietsen een soort uitje, om je te verplaatsen neemt iedereen de auto. Ik geniet van het fietsen, het is gezond en je komt veel buiten. Ik was nog niet lang in Nederland toen ik astma kreeg. Na onderzoeken bleek ik allergisch voor sommige stoffen waardoor ik niet meer in een apotheek kon werken. Dat vond ik heel erg. Met hulp van mijn taalcoach ben ik gaan onderzoeken welk beroep bij mij past, en dat werd accountancy. Ik ben deeltijd gaan studeren en volgde bij Stichting Mano cursussen communicatieve en sociale vaardigheden. Via de man van mijn taalcoach mocht ik stage lopen bij een accountantskantoor, daarna kreeg ik een baan aangeboden. Iedereen was positief, behulpzaam en aardig. In oktober kon ik ook bij Stichting Mano een betaalde baan krijgen, en stond ik voor een moeilijke keuze. Mijn ratio zei accountancy, maar mijn hart ligt bij Stichting Mano. Ik koos voor mijn hart. De manager van het accountantskantoor beloofde me dat de deur altijd voor me open blijft staan. Dat vind ik fijn om te weten. Ik doe de administratie van Stichting Mano en ben projectsecretaris bij SamendoorSamen. Ik help andere statushouders met studie en werk. Ook volg ik een opleiding zodat ik andere nieuwkomers straks kan vertellen hoe ik een leven in Nederland heb opgebouwd en waar ik aan heb moeten wennen. Zo praten Nederlanders best veel over zichzelf, dat wordt in Syrië gezien als arrogant. Ook vragen stellen is in Syrië niet gebruikelijk, dat vinden mensen nieuwsgierig.

‘Je zou de uitkeringen voor nieuwkomers aan werkgevers moeten geven, in ruil voor een stage’

Voor sommige nieuwkomers is het echt moeilijk om een baan te vinden. Ik zeg wel eens: gemeentes zouden de uitkeringen voor nieuwkomers aan werkgevers moeten geven, in ruil voor een stage. Dan loopt de werkgever geen risico en kunnen ze ontdekken welke kwaliteiten een nieuwkomer heeft. En koppel nieuwkomers die maar moeilijkde taal kunnen leren aan een werkgever uit dezelfde cultuur. Een ondernemer uit Marokko bijvoorbeeld. Ik voel me thuis in Nederland, maar ik blijf ook Arabisch. Sommige gewoontes waar ik niks mee heb probeer ik kwijt te raken. Ik gehoorzaam een ander niet meer blindelings. Ik vind het wel belangrijk om mijn dochters van tien en zeven ook over de Arabische cultuur en taal te leren. Ik vind het belangrijk dat ze met hun opa en oma kunnen praten.’

Tekst: Miloe van Beek & Annemieke van der Pol Beeld: Janneke Aronson