Mensen moeten voelen dat ze ertoe doen

Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid Wouter Koolmees (43) zet met de nieuwe Wet Inburgering in op zo snel mogelijk aan het werk gaan, want: werk is de snelste weg naar integratie. ‘Eigenlijk zeggen we drie jaar lang tegen vluchtelingen: haal eerst maar je examens, en kom er dan gezellig bij. Ja, hóe dan?’

Waarom is werk volgens u belangrijk voor mensen?
‘Omdat werk niet alleen het genereren van inkomen betreft, maar ook gaat over sociale contacten, over integratie, over gezondheid zelfs. Je hoeft niet eens fysiek werk te doen: alleen al het feit dat je regelmaat hebt, dat je uit huis komt en beweegt, is waardevol. Je wordt er blijer van dan de hele dag Netflix kijken. Daarnaast is ontwikkeling een belangrijk aspect, bijdragen aan de maatschappij, er toe dóen. Ontzettend veel dus.’


Dat geldt ook voor vluchtelingen, voor hen misschien zelfs nog wel meer.
‘Ja, vooral omdat mensen die in Nederland terecht komen niet alleen geen idee hebben van de taal, maar ook niet van de culturele mores, “hoe men doet”. Dat hoor je vooral van mensen met een niet-westerse achtergrond, dat ze het lastig vinden om die codes te kraken. Met als gevolg dat ze het gevoel hebben dat ze er niet bij horen.’


Heeft u voorbeelden?
‘Nou, dit is strikt genomen geen voorbeeld van een vluchteling, maar ik ken het verhaal van een Marokkaans-Nederlandse trainee. Hij was heel formalistisch, sprak iedereen met u aan, zeker de baas. Dat was echt een cultureel ding, een manier om respect te tonen. Terwijl de omgangsvormen op de Nederlandse werkvloer vaak heel informeel zijn, op het vriendschappelijke af. En tegelijkertijd weten we heel goed wanneer we wél u moet zeggen. Als je dat niet gewend bent is dat een raar en nogal onduidelijk evenwicht. Het ís ook niet uit te leggen, dat je aan de lunchtafel nog prima grappen kunt maken met de baas, maar dat je dat een uur later aan de vergadertafel niet moet doen. Als je dat niet voelt, kun je ontzettend de mist in gaan. Door vluchtelingen een duaal traject te laten volgen waarbij ze én de taal leren én Interview ondertussen een stage lopen of vrijwilligerswerk doen, leren ze beide zaken veel sneller.’

‘Het is eigenlijk heel raar wat we nu zeggen: hier is je DigiD en een lening van 10.000 euro, zoek zelf maar een school uit’


Het aantal vluchtelingen dat Nederland jaarlijks ontvangt wisselt sterk, afhankelijk van de conflicten in de wereld, maar gemiddeld zijn er 15.000 instromers per jaar die een verblijfstatus krijgen. Hoeveel van hen gaan er uiteindelijk aan het werk?
‘Dat is lastig te zeggen. In het ene jaar is dat anders dan het andere jaar, afhankelijk van de afkomst van vluchtelingen. Ze komen soms uit een land waar al dertig jaar lang burgeroorlog is, en die dus nooit op school hebben gezeten omdat er geen scholen meer zíjn. Die moeten eerst überhaupt een taal leren lezen en schrijven, voor ze aan het Nederlands kunnen beginnen. Voordat je dan een startkwalificatie hebt om aan werk te beginnen ben je echt wel een paar jaar verder. Daar staan mensen tegenover die in het land van herkomst al een universitaire studie hebben gedaan.’

De inmiddels bekende ‘apotheker uit Aleppo’.
‘Ja, precies. Die heeft een grotere kans om te slagen op de arbeidsmarkt, omdat de basis er al is. Maar dan nog blijven vluchtelingen momenteel langer in de bijstand dan we zouden willen. Dat heeft verschillende redenen. Het systeem dat we nu hebben is eigenlijk heel raar, want tegen vluchtelingen die net in Nederland zijn zeggen we: hier is je Digi-D en een lening van tienduizend euro, zoek zelf maar een school uit.’

onder één letter Nederlands te kunnen ontcijferen.
‘Sommigen zeggen: dank je wel, komt goed. Maar het gaat natuurlijk om de meest kwetsbare groep mensen, die inderdaad geen idee heeft waar te beginnen. Bovendien kiezen mensen voor de zekerheid vaak voor een lager leerniveau, want die lening van tienduizend euro wordt pas omgezet in een gift wanneer je binnen drie jaar je examen haalt, en dan hebben ze in ieder geval geen schuld meer. Het laatste punt dat je vaak ziet, is dat áls ze eenmaal een huis hebben, dan pas de trauma’s naar boven komen, vaak afschuwelijke ervaringen: vluchten over zee, familie die doodgeschoten is.’

Lees de rest van het artikel via www.ikwerkdusikben.nl/magazine

Tekst Eva Hoeke

Beeld Katja Poelwijk